7.03 Ecoconcept

Stad van de toekomst: het concept Floriade Almere (230818) f.c.meijering@gmail.com

Inleiding 

In 2022 wordt in Almere een grote internationale tuinbouw expositie georganiseerd. Ik gebruik deze casus als voorbeeld van het creatief oplossen van een complex probleem. 

Mijn achtergrond als docent, consultant, beleidsmedewerker en onderzoeker is van invloed op mijn receptie van de beschikbare beleidsdocumenten. Mijn interessegebieden zijn Human Resources Development, innovatie, competentieontwikkeling, educatie, bestaansesthetica, place making en kenniscreatie. Deze belangstelling kleurt mijn waarneming. Dit betekent: uitvergroting van bepaalde beleidsaspecten en het  minimaliseren of weglaten van andere factoren.

Deze Floriade wordt door een aantal partijen bekritiseerd. Hun argumentaties zijn interessant. De kritiek op dit mega-event vloeit voort uit modern denken. Het bestaande concept Floriade heeft volgens critici zijn tijd gehad. 

Vanuit een postmoderne besturingsfilosofie kan de Floriade worden opgevat als een prototype voor een innovatief concept. De Floriade wordt gebruikt als katalysator en hefboom om Almere op de kaart te zetten als ‘green city’. Deze casus is illustratief voor de overgang naar postmoderne denken en in het bijzonder de ecologische benadering.

Op basis van beschikbare beleidsdocumenten schrijf ik dit essay. In deze fase van ontwikkeling van het concept Floriade zijn veel issues en thema’s nog niet uitgekristalliseerd. Als buitenstaander heb ik geen toegang tot ‘in side’’ information. 

De voorbereidingen voor deze tuinbouwexpositie, een mega-event,  zijn in volle gang. Gestart is met de aanleg van het expositieterrein en met de ontruiming (en onteigening) van een bestaande camping en jachthaven op het terrein. 

Het model van metacompetenties gebruik ik als framework, als conceptueel kader. Hiermee is het mogelijk om beschikbare data en informatie te interpreteren en te structureren, onderliggende vooronderstellingen te expliciteren en de betekenis (meaning) van deze wereldexpositie te vatten als voorbeeld van duurzame systeem innovatie. Tevens signaleer ik een aantal knelpunten (constraints) in de vorm van barrières, beperkingen en belemmeringen.

Floriade 2022 en in het verlengde hiervan het concept Groene Stad betekenen voor de beleidsmakers een omslag in denken en doen. Deze casus geeft inzicht in de mindset van de actoren.  Het concept Floriade wordt uitgewerkt op verschillende systeemniveaus: a. de inrichting van. 100 kavels in de vorm van exposities en presentaties van producten en diensten; b. het ontstaan van tijdelijke samenwerkingsverbanden (zoals een businessclub), c. het oprichten van een projectorganisatie (Floriade BV), die het programma voor dit event ontwikkelt en d. de verbinding van dit project met het concept ‘green city’.

Het afbreukrisico van dit grootschalige project is groot. Vanuit het perspectief van innovatie en kenniscreatie is dit project interessant, omdat het inzicht geeft in het non-lineaire proces van interactieve beleidsontwikkeling. De uitkomst is vooraf niet bekend. 

Achtergrond: historie Almere

Almere is een jonge, snel groeiende satellietstad van Amsterdam. Vanaf 1976 zijn hier de eerste huizen gebouwd in de nieuwe polder Flevoland. Het gebied ligt 5 meter onder ANP. De aanleg van de Noord Oost Polder en Flevoland past in de Hollandse traditie van inpoldering. Noord Holland bestaat grotendeels uit polders. Volgens de historicus Schama ligt de kracht van Nederland in het voeren van de strijd met het water. Eeuwenlang is ervaring opgedaan. In de Middeleeuwen begon dit monnikenwerk.. Molens waren in de 17de eeuw een voorbeeld van technologische innovatie. Een actuele variant zijn de windmolens. De Deltawerken waren het antwoord op de watersnoodramp. Inpoldering leidt tot gebiedsuitbreiding. 

Polderen staat ook voor een bepaald type besluitvorming. Rekening wordt gehouden met de opvattingen en belangen van verschillende partijen. De Delta werken zijn interessant als casus, omdat tijdens het proces rekening werd gehouden met ecologische belangen. Uiteindelijk werd gekozen voor een doorlaatbaar systeem van waterkering. 

Poldergebieden zijn vaker gebruikt om een maatschappelijke utopie te realiseren. Een voorbeeld is de Noord Oost Polder als grootschalig experiment. Bij de werving en selectie van nieuwe boeren werd destijds gebruik gemaakt van eugenetische principes. Intelligente boeren, die qua religie en levensbeschouwing representatief waren voor het verzuilde Nederland, werden uitverkoren als pionier. Het ontwerp van de NOP was een voorbeeld van blauwdruk denken (De Caluwe). Almere heeft de ambitie om mondiaal een voorbeeldfunctie te vervullen op het gebied van urbanisering. 

De huidige stad Almere werd oorspronkelijk ontwikkeld als overloopgebied van Amsterdam. Veel bewoners werken in de Randstad en maken gebruik van de beschikbare en betaalbare woonvoorzieningen in Almere. In een snel tempo zijn talloze Vinex achtige wijken gebouwd. Het opleidingspeil van de bewoners bestaat voornamelijk mensen met beroepsonderwijs. Omdat de stad vanaf 1976 is ontwikkeld is sprake van veroudering van de eerste bewoners. Enkele actuele maatschappelijke knelpunten zijn: werkgelegenheid in de stad zelf, dubbele vergrijzing, gezondheidsproblemen (ggz, obesitas), relatief weinig kunst en cultuur.

Het huidige aantal inwoners van Almere bedraagt circa 200.000. De stad gaat de komende jaren uitbreiden en het inwonertal kan op termijn verdubbelen. Grote bouwprojecten worden uitgevoerd. De stad zoekt een identiteit. Functionele steden, die ontwikkeld zijn in de tweede helft van de vorige eeuw, worden door Zijderveld omschreven als ‘steden zonder stedelijkheid’. Dit zijn steden zonder ziel, zonder herkenbare historische en culturele identiteit. Wonen en werken zijn strik gescheiden. Een herkenbaar stadscentrum ontbreekt. De meeste mensen worden in buitenwijken (Vinex gebieden). Hetzelfde probleem (het ontbreken van een corporate identity) doet zich voor bij grote, gefuseerde instellingen. Enkele innovatieprojecten in Almere zijn voorlopig mislukt. Al jaren lang staat een onafgebouwd kasteel aan de snelweg. Het grootschalige project van de Nieuwe Wildernis aan de spoorlijn tussen Lelystad en Almere, waarbij kunstmatig geprobeerd is om een nieuw ecosysteem te ontwikkelen, maakt de consequenties duidelijk van de ‘survival of the fittest’.

In de postmoderne tijd bestaat aandacht voor het belang van betekenisverlening, zingeving, identiteitsconstructies en storytelling op lokaal niveau. Grote, ideologische verhalen hebben hun tijd gehad. Groepen, organisaties en lokale samenlevingen onderkennen het belang van een ‘corporate identity’ (Braun). De stad Almere mist een herkenbare culturele identiteit. Enkele jaren geleden heeft de stad geprobeerd gekozen te worden tot Culturele Hoofdstad van Europa. Dat is niet gelukt: Leeuwarden kwam als winnaar uit de bus.  De gemeente Almere faciliteert innovatie op het gebied van stedenbouw. Enkele voorbeelden zijn: de filmwijk met een grote variatie aan architectuur, de bouw van ecodorpen, de wijk Almere Duin (wonen in een kunstmatig aangelegd duingebied aan het IJmeer) , en ruimte voor het plaatsen van tiny houses. 

De gemeente Almere heeft nu de keuze gemaakt om zich te gaan profileren als Green City. Alle actuele projecten van stedelijke gebiedsontwikkeling in Almere worden vanuit deze ecologische visie ontwikkeld en gelegitimeerd. 

Floriades

Almere is door de Nederlandse Tuinbouw Raad gekozen als locatie voor de wereldtentoonstelling Floriade. De eerste Floriade werd gehouden in Rotterdam in 1960. De laatste Floriade vond plaats in Venlo (2012). Een Floriade wordt om de 10 jaar georganiseerd. Naar verwachting zullen ruim 2 miljoen mensen deze wereldexpositie in 2022 bezoeken. Dit event wordt gebruikt als attractor om innovatie te stimuleren. De gemeente Almere is opdrachtgever en vervult een sturende, innovatieve trekkersrol. 

In het verleden bleken Floriades verliesgevende activiteiten voor de organiserende gemeente, die als formele opdrachtgever eindverantwoordelijk is voor de financiering en exploitatie. De laatste Floriade in Venlo (2012) leidde tot een miljoenenverlies voor deze gemeente. De gekozen locatie in Venlo, een landbouwterrein buiten de stad, heeft tot op heden niet geleid tot een goede herbestemming van het terrein. De daaraan voorafgaande Floriades werden eveneens een verliespost (Haarlemmermeer, Amsterdam).

De Floriade in 2022 in Almere verschilt van vorige events. De conceptontwikkeling is organisch in plaats van mechanisch. De veranderingsstrategie is interactief en facilitair. De locatie bevindt zich in het centrum van de stad. Vooraf is nagedacht over de herbestemming van het terrein na afloop van de expositie. Gebruik wordt gemaakt van ideeën over de toekomst. Dwarsdenkers als Pauli, Rotmans, green city filosoof zijn uitgenodigd om creatieve ideeën aan te dragen. Dit mega-event wordt benut als werkgelegenheidsproject en biedt kans om nieuw werk te scheppen. Op de locatie worden onderzoek en onderwijs gestimuleerd. Onderwijsinstellingen gaan zich hier vestigen. De innovatie richt zich op de ontwikkeling van een gezonde en groene leefomgeving voor mensen. Gezond leven wordt  in brede zin opgevat als biologisch, psychisch en sociaal-cultureel welbevinden (WHO).

OPLOSSINGEN 

Paradigma shift

De casus is een voorbeeld van denken vanuit een ander paradigmaverandering. Modern denken (wereldmodel I) maakt plaats voor postmodern denken (wereldmodel II; Argyris). Deze paradigma verandering betekent een radicaal andere manier van denken en doen. Wereldmodel II is een procesfilosofie en richt zich op het oplossen van complexe problemen door buiten bestaande kaders te treden. Voor complexe problemen bestaan vooraf geen standaardoplossingen. Deze benadering schept ruimte voor inventieve en creatieve oplossingen. Gebruik wordt gemaakt van denken via een omweg (abductie). 

Sleutelwoorden zijn: wereldmodel II, eco businessconcept, Externe Oriëntatie in Volledige Zin (Van Dinten), ecologisch denken, witdruk denken (De Caluwe), understanding, design thinking, concept ontwikkeling, systeemtheorie en metacompetenties, place making (Van Limburg), green city.

Legitimering, beleidsvisie

Taalgebruik is nooit neutraal (Korzybski, Berger & Luckmann). Begrippen, theoretische modellen en filosofische uitgangspunten (root metaphors) beïnvloeden de perceptie van de actoren. Zij kleuren de werkelijkheid en vervullen een zoeklichtfunctie. In het postmodern denken wordt de wereld opgevat als sociale constructie. De wereld kan nooit exact worden gerepresenteerd. Elk beeld van de wereld is partieel en biedt een bepaald perspectief op het geheel. Het is onmogelijk om de wereld in zijn totaliteit te vatten. De beschrijving van de situatie is bovendien afhankelijk van de positie en het referentiekader van de waarnemer. Postmoderne denkers ontwikkelen nieuwe begrippen (‘sensitizing concepts’). 

Deze casus is interessant, omdat vanuit het schijnbare niets (ex nihilo) een nieuwe wereld wordt ontworpen. Door intentioneel een complex probleem te creëren op te rand van chaos ontstaat de urgentie om inventieve en creatieve oplossingen te bedenken, die buiten het bestaande denk- en oplossingskader vallen. 

De gemeente neemt de leiding. Zij vervult als actor voorlopig de rol van aanjager, kwartiermakers, regisseur en facilitator. Interactieve beleidsontwikkeling is een spel (play). De overheid is een van de spelers in dit spel en brengt samenwerking op gang met ondernemingen, omwonenden en non profit instellingen. Andere spelers zijn bedrijven, burgers, kennisinstellingen en instellingen op het gebied van onderwijs, zorg, recreatie, kunst en cultuur. De beleidsstrategie bestaat uit het aangeven van de richting. Het eerste ontwerp bestaat uit  contouren in de vorm van een ruwe houtskool schets. Details worden nader ingevuld. Tussentijds bestaat ruimte voor nieuwe initiatieven en bijsturing van beleid. 

Deze casus over innovatie leent zich voor filosofische reflectie, omdat ecologische ideeën worden omgezet in zichtbare praktijken. Gedachten worden gevisualiseerd. Concepten worden vertaald in het constitueren en construeren van een nieuwe technische en sociaal-maatschappelijke werkelijkheid. De groene gebiedsontwikkeling van de locatie en het ecologisch ontwerp van de gebouwen en infrastructuur wordt geleidelijk zichtbaar in materiele vormgeving. 

Het huidige economische denken is een exponent van modern denken en staat in wereldmodel I (Argyris).  Wereldmodel I gaat uit van het belang van natuurwetenschap en de vertaling van deze kennis (science) in technologie. Vanuit de kleurentheorie van de Caluwe zijn geeldruk denken en blauwdruk denken dominant. Geeldruk denken gaat uit van rivaliserende politieke belangen. 

Blauwdruk denken representeert een technocratisch model. Vooraf wordt een plan opgesteld, dat vervolgens wordt uitgevoerd via een lineair proces, dat topdown wordt gestuurd en geregisseerd door managers.  Technologische kennis vormt de basis van industrialisatie. Dezelfde kennis wordt gebruikt voor het inrichten van professionele organisaties (scientific management). Industriële productie heeft geleid tot een enorme toename van materiele welvaart. Naar analogie van industriële productie zijn ook non profit organisaties georganiseerd volgens dezelfde bedrijfsmatige principes. Modern denken is gericht op het efficiënt en effectief oplossen van simpele en ingewikkelde problemen (Snowden). Bij dergelijke problemen staat de oplossing vooraf vast. Vooronderstelling is economische schaarste aan grondstoffen, materialen, middelen, menskracht, methoden en technieken. Wereldmodel I gaat uit van deficiëntie. Het economisch belang staat voorop. Doel van menselijke activiteiten is winstmaximalisatie. Materiele goederen vertegenwoordigen een economische ruilwaarde, die belangrijker wordt geacht dan de gebruikswaarde. 

De tuinbouwsector maakt deel uit van de moderne landbouw industrie. Tuinbouw heeft zich de afgelopen decennia gericht op grootschalige productie van bloemen, planten, struiken en bomen. Een voorbeeld is de bollenindustrie. Nederlandse landbouwproducten zijn een belangrijk export artikel. Industriële land- en tuinbouwproductie is grootschalig, massaal en gericht op enkelvoudige massaproductie. In de tuinbouwsector vonden de afgelopen jaren fusies en schaalvergroting plaats, waardoor kleine bedrijven nauwelijks bestaan. Menselijke interventies staan in teken van maakbaarheid, controle en beheersing. 

Industrialisatie heeft geleid tot grote milieuproblemen zoals vervuiling van het milieu, klimaatverandering door opwarming van de aarde en aantasting van de biodiversiteit. Deze schadelijke effecten doen zich ook voor in land- en tuinbouw. Veelvuldig wordt gebruik gemaakt van schadelijke kunststoffen en bestrijdingsmiddelen. Bij ongewijzigd beleid ontstaat het risico van grote natuurrampen, zoals perioden van langdurige droogte. 

Bij Floriade 2022 wordt gebruik gemaakt van een ecologische besturingsfilosofie. Morgan onderscheidt in zijn boek Beelden van Organisaties verschillende metaforen. De organische metafoor is op deze casus van toepassing. Ook de breinmetafoor en de metafoor van verandering (flux) zijn relevant als denkkader. Deze casus is een voorbeeld van witdruk denken (De Caluwe) als beleidsfilosofie.

Het innovatief concept van de Floriade 2022 wordt organisch ontwikkeld. Organisch denken is gebaseerd op biologische metaforen. Natuur wordt gebruikt als inspiratiebron om nieuwe oplossingen te bedenken (biomimicry). Mensen maken samen met flora en fauna deel uit van de natuur. Deze benadering is eco-centrisch in plaats van antropo (of ego)-centrisch. 

De relatie tussen subject en wereld is interactief en staat in het teken van continue afstemming met de lokale omgeving. Verbinding is het sleutelbegrip (connectionisme). Ecologisch denken is gericht op de toekomst en impliceert een lange termijn visie. De natuur zorgt voedsel,  schone lucht (omzetting van CO 2 in zuurstof), maakt alternatieve energiewinning mogelijk (biomassa, zonne-energie, windmolens) en bevordert een gezonde leefomgeving. Naar analogie van natuurlijke, organische processen worden sociale en maatschappelijke processen beschreven met dezelfde concepten.

Het gemeente streeft ernaar om een duurzame, groene stad te ontwikkelen, die in staat is om zichzelf in stand te houden en te onderhouden (autarkie). De stad van de toekomst is in staat om zelf de benodigde energie op te wekken. Bewoners laten geen ecologische voetdruk achter. De ambitie is om al het afval te recyclen. Sleutelwoord is co-evolutie. De wereldexpositie Floriade werkt als katalysator om dit idee van de groene stad te realiseren en successen zichtbaar te maken. Mensen vormen onderdeel van de natuurlijke omgeving. De interactie met de natuur is van levensbelang voor overleving (frisse lucht), voeding en gezond leven. 

Sociale relaties van dieren vormen een inspiratiebron. Een voorbeeld is het imiteren van dierlijk zwermgedrag, zoals een vlucht ganzen (swarm) of het gedrag van een mierenkolonie. Beurtelings neemt een van de exemplaren van de zwerm het voortouw. In zwermgedrag zijn enkele basale regels herkenbaar: voldoende afstand houden, dezelfde snelheid aanhouden, letten op het gedrag van anderen en situationeel leiderschap. Een centrale sturing ontbreekt. Het interactieve gedrag is als patroon waarneembaar: de zwerm maakt dynamische golfbewegingen. Deze metafoor wordt gebruikt als voorbeeld voor situationeel en transformationeel leiderschap. Afhankelijk van de fase van de ontwikkeling nemen actoren beurtelings het voortouw. 

Natuurlijke ontwikkeling verloopt cyclisch. De natuur kent jaargetijden. Levensprocessen hebben een natuurlijk verloop van ontstaan, groei, rijping en verval. De dagelijkse activiteiten verlopen volgens een bioritme van waken en slapen, inspanning en ontspanning. In elke fase zitten omslagpunten ingebouwd. In de zomer wijzen signalen op de nadere herfst.

Mensen zijn in staat van de natuur te leren. Hun ervaringen kunnen zij in taal uitdrukken en daardoor kennis vastleggen. 

Bij organisch denken wordt rekening gehouden met natuurrampen, met catastrofes. Taleb noemt dit zwarte zwanen. Deze manier van denken vereist een alerte reactie op zwakke signalen, die wijzen op gevaren en risico’s. Ecologisch denken gaat uit van co-evolutie. Mensen hebben een belangrijke morele verantwoordelijkheid voor het in stand houden van dit universum. Naar analogie van natuurrampen kunnen zich ook economische rampen voltrekken. Vertaald naar sociale processen betekent dit, dat tijdig wordt geanticipeerd op de effecten van disruptieve innovatie. 

Vanuit de evolutionaire psychologie worden belangrijke gedragsmechanismen herkenbaar. Dieren en mensen hebben veel overeenkomsten. Overleven is de primaire levensnoodzaak. Voorplanting is gebaseerd op ‘survival of the fittest’. De sterkste vertegenwoordigers van de soort kunnen overleven door het tonen van hun genetische en fysieke aantrekkelijkheid. Partnerselectie en het behoren tot een groep zijn eveneens basale gedragspatronen. Dieren maken gebruik van verschillende expressiemogelijkheden om te communiceren. Toegepast op menselijk gedrag betekent dit, dat concurrentie en coöperatie samen gaan. Leiderschap is situationeel bepaald. 

Gedrag in de natuur laat herhalingen zien. Door herhalingen op te sporen is het mogelijk patronen te herkennen en impliciete gedragsregels op te sporen. 

Natuurlijke processen verlopen onbewust, maar zijn deels intentioneel te beïnvloeden. Menselijke beïnvloeding bestaat uit bewustwording van het organisch proces en het kanaliseren van de stroom aan activiteiten. Dit beeld wordt gebruikt bij complex adaptieve systemen. Stuurkunst bestaat eruit om zorgvuldig te observeren en voorlopig af te wachten. Door op het juiste moment een ingreep toe te passen, kan een vlinderslag effect optreden. 

Het totale project Floriade kan op macroniveau wellicht zorgen voor een dergelijk vlinderslag effect en als katalysator en omslagpunt fungeren voor de verdere ontwikkeling van een groene tuinstad en regio. Bij organisch denken past een facilitaire, interactieve veranderingsstrategie. Het leerproces verloopt via S-curven. 

In de tuinbouw vindt herbezinning plaats en ontstaat ruimte voor een radicale omslag in denken en doen. De ecologische benadering is een exponent van postmodern denken.  Ecologische principes zijn ‘planet, people, profit’ en duurzame productie (‘cradle to cradle’). Recyling is een sleutelbegrip. 

Eco business concepten

Internationale banken- en accountancy instellingen (zoals KPMG, ING) verwachten in de nabije toekomst disruptieve innovatie (Rotmans). Bestaande business concepten, die ontstaan zijn op basis van industriële productie,  hebben als verdienmodel hun langste tijd gehad. Wellicht zullen binnen 5 tot 10 jaar zo’n 75 % van de huidige ondernemingen de omslag moeten maken naar een ander business model, dat beter aansluit bij kennis- en informatie samenleving. 

De huidige maatschappelijke instituties dreigen volgens Rotmans te imploderen. Als alternatief pleit hij voor duurzame systeem innovatie, ook voor de tuinbouwsector. Volgens Rotmans is de tuinbouwsector tot nu toe economisch succesvol en weet succesvol gebruik  te maken van continue verbeteringen. In de nabije toekomst is volgens Rotmans een radicale innovatie nodig. Grootschalige tuinbouwproductie, die het milieu vervuilt, komt onder druk te staan. 

Door Vargo & Lusch is de Service Dominant Logic als alternatieve economische theorie ontwikkeld. 

De klant staat centraal. Klanten en producenten werken samen op basis van coöperatie, co-creatie en co-evolutie.  Het traditionele onderscheid tussen producent en consument maa