7. Probeemoplosser

Het idee dat de werkzame mens eerst en vooral een probleemoplosser is, vormt het uitgangspunt voor de theoretische kaders en stromingen (scholen) binnen de mens- en sociale wetenschappen, waarop de metacompetentiegedachte als wetenschapsfilosofische strategie voortbouwt (Dewey, Vygotsky, Engestrom).

Hoe doe ik dat?

  1. U gaat uit van een non-dualistisch mensontwerp
  2. U vertaalt de filosofie van J. Dewey en zijn collega G.H. Mead in een model van metacompetenties dat praktisch bruikbaar is als probleemoplossende strategie
  3. U hanteert het pragmatisch-constructivisme als wijsgerige legitimering van de metacompetentiegedachte.

Meer weten? Zie Inleiding